Nieuw Zeeland / België

Pirlouit op het droge aan de andere kant van de wereld.

Eind December vlogen we terug naar het koude belgië.

Pirlouit staat een jaartje op ons te wachten in Nieuw Zeeland. To be continued …

Advertenties

17 dagen Aitutaki

We zijn klaar om te vertrekken. Een goei briesje vanuit het oosten. Bij hoog water vanavond duwen we Pirlouit door de pas.  De tocht naar hier was behoorlijk woelig. We hadden veel wind en irritante golven uit zuidoost die het onmogelijk maakten iets anders te doen dan plat te liggen. We waren beide drie dagen ziek. Dries heeft een paar aardappelen in schil kunnen koken 🙂 Da’s een grootse verandering in Dries z’n keuken. Normaal zijn het Noodles, zelfs daarvoor was het weer te shaky, gegarandeerd Noodle soep overal. In ieder geval, wat ik wilde zeggen is dat we moe, mottig en hongerig waren toen we hier aankwamen. De ankering voor Aitutaki reef mag geen ankering genoemd worden. De kans dat we onze nieuwe Rocky33 (nieuw anker, in Tahiti gekocht) daar zouden verliezen was reëel. Dat hebben we later bij het snorkelen daar ook gezien. Er valt een boel oud ijzer te verzamelen daar… Dus voor anker en wachten op hoog tij was geen optie en we waren zo moe, te ongeduldig om voor de deur rondjes te blijven varen. “’t zal wel meevallen die ondiepe pas”. Volle gas vooruit tegen de stroom in. zoals beschreven in de pilot is er een ‘echte’ ondiepte op zo’n 2 derde in de pas. Boenk. Daar geraken we dus vast. Slim. We hadden beter gewacht. Nog wat extra gas vooruit dan maar. We hebben niet veel keuze… ’t leek eerder zand dan koraal. Pirlouits buik schurkend over het zandkoraal geraken we zachtjes vooruit. De motor jankt, ik denk niet dat we hem al ooit tot zoveel toeren hebben opgejaagd. Dries en ik trekken beiden een beetje bleek weg: “daarvoor hadden we toch die stalen boot gekocht. Niet?” zeggen we bijna tesamen. 🙂 Bekijk het van de positieve kant: In Raiatea had Dries pokken onder de kiel gespot. Die hebben het nu zwaar te verduren… We varen nu af naar Palmerston en wachten op hoogwater vanavond. Wijs.

Tijdens onze 17 dagen hier hebben we Tou ontmoet. Ze is drie jaar eerder terug naar  Aitutaki gekomen, haar geboorte-eiland, en probeert geleidelijk aan haar leven hier weer op te bouwen. Ze was ongelooflijk gastvrij, deelde haar door werk verdiende tonijn met ons en bood ons fruit aan uit haar tuin. Afgelopen dinsdag zijn we vroeg opgestaan om nog voor de hitte van de middag haar dak te schilderen… Nu staat ze aan de kade met drie trossen nog groene bananen zakken vol papayas (pawpaw), aubergines, cocosnoten, tomaten en citroenen. Te veel voor ons. Maar we varen naar Palmerston, daar komt geen vliegtuig, het schip komt maar een keer om de drie maanden en ze hebben geen land om groenten en fruit te groeien. “Geef het aan de families daar”: er wonen 52 mensen waarvan 15 kinderen. Palmerston is helemaal anders dan Aitutaki, word ons verteld. Ook andere eilandbewoners komen ons aanspreken: “wie van jullie gaat er naar Palmerston? Willen jullie spullen voor familie meenemen?” Natuurlijk, gooi maar aan boord 😉 Cargo Pirlouit.

Aitutaki was ons eerste Cookeiland. Vanaf nu is het Engels, of eerder: “polynesisch-kiwi-engels”, rugby, burgers en fish&chips. Een verschil met Frans polynesië, er heerst een andere sfeer… Daar was het volleybal, stokbrood en “frans”. Op vrijdagavond is het hier feest aan de haven: Er worden rugby matches gespeeld (op blote voeten), de foodtruck wordt geopend en alle eilandbewoners zakken met hun brommertje af naar de waterkant.

Brommertjes, er zijn er honderden en ze rijden links. Iedere ochtend komen alle kitesurfers naar de haven gesnord op hun gehuurde ‘Honda Nice’ en stappen in de ‘wet and wild’, de kitesurfers-boot die hen naar een van de meest gegeerde kiteplekken ter wereld brengt. De motu van Aitutaki zorgt voor een vlakke, rimpelloze lagoon waar de passaat los over waait: een kitesurfwalhalla. Toeristen zijn hier sportievelingen en waaghalzen die een behoorlijk reisbudget besteden aan de beste kite-spots in de wereld. Ze kiten van zonsopgang tot zonsondergang. Vergelijk het met een skigebied in tropische sferen. Wij snorren in onze dingy ook een dagje naar daar om dan naar hun showkes te kijken. Quinten is de eigenaar van de ‘wet and wild’. Hij bakt ’s middags fishburgers met mahi-mahi of tonijn voor zijn klanten en doet in de namiddag nog wat grave trucs met zijn kite. Zijn zoontje (9jaar!) volgt met een kleinere kite. Als April vraagt of hij niet naar school moet zegt Quinten dat hij bijna iedere ochtend een ziekte faked om niet te moeten gaan. Tegen de tijd dat de wet and wild naar de motu vertrekt is hij wonder boven wonder steeds genezen. “Uiteindelijk gaat hij de kite-club toch overnemen” zegt Quinten. “Dan kan hij het maar beter leren…”

Hop naar Palmerston. De SPOT zal pas terug werken vanaf Tonga…

 

Merci

Merci Elsbeth voor de foto’s! Met wifi van hier en onze eigen ‘kwaliteiten’ als fotografen had er nu nooit een prachtige reportage op gestaan…
Merci Wout voor de kaartjes! 😉 want met de satelieten van spot kom je niet te weten waar we zijn…

Wij vertrekken tegen het weekend naar Maupiti en dan Maupihaa. Afhankelijk van het weer en de condities om daar het rif door te geraken houden we bij beiden een stop. Daarna is Aitutaki onze eerste stop op de Cookeilanden.