Bericht vanuit Amanu Atol

Jonas en Lenie kwamen een dag na ons aan op de ‘luchthaven’ van Gambier, niet groter dan een schuur, kleurig versierd met vlaggetjes. Pirlouit lag geankerd voor de deur, de kiss and ride zoals wij dat noemen 🙂 dat was hier een kleine stijger voor de busboot die de passagiers van en naar het dorp bracht. We zagen het vliegtuig landen op het strand en het werd geparkeerd voor onze neus. Koffer open, bagage er uit en even later hebben we Jonas en Lenie in de Moo geladen en mee aan boord gebracht. Extra handen om mee aan het klussen te gaan.

De eerste week doen we herstellingen, ook mijzelf. Sinds Rapa Nui had ik oorpijn en de laatste twee nachten op zee ziekelijk veel tandpijn. We gaan naar het ‘Centre Medical’. Daar blijkt een verpleegkundige de wacht te houden. Nee, een dokter dat is er niet. Een tandarts? Die komt volgend jaar. Ze kijkt in mijn mond en mijn oor: “ik zie niets” zegt ze en ze geeft me een doos antibiotica mee. Daar werden we niet veel wijzer van.

Het was maandag, de eerst volgende vlucht naar Tahiti met de dichtstbijzijnde dokter was dinsdag. Dries denkt erover om mij over te vliegen omdat ik met momenten lag te janken van de pijn. Ik had alles behalve zin in een vlucht naar Tahiti en een ongepland bezoek in het ziekenhuis daar. Gelukkig ontmoeten we Rik, de solozeilende Vlaming die ook voor anker ligt in Rikitea. De eerste zeilende Vlaming die we op onze reis tegenkomen! Hij weet raad: Op de catamaran zit de gepensioneerde Franse dokter Bruno. Eén consultatie en praatje bij hem vertelde ik dat ik een abces heb. Hij is onder de indruk van onze uitgebreide en ordelijke medicatielijst (merci Dominique!) “Oh je hebt morfine, die had je toch kunnen nemen” zegt hij en wijst de pillen aan die ik uit de koffer moet opdiepen en nemen. Drie dagen later was alles voorbij. Allemaal handig al die pillen aan boord, maar als je niet weet de welke te nemen. Lang leve Bruno!

Al varend komen we hem en zijn vrouw hier en daar nog tegen. Dan vraagt hij hoe het gaat en raad me aan in Papeete nog even een check te laten doen, misschien is er een oorzaak en komt het terug.

De voorstag staat er weer op, da’s al iets. Het profiel waar de genua mee op de stag zit is banaan gebogen door te lang op het dek te liggen. Drie van de zes stukken zijn krom. En waarschijnlijk niet meer te herstellen. Die hebben we nu tegen de reling gespannen. Hopelijk krijgen we het weer terug gebogen. In Gambier hebben Dries en Jonas dat met verhitting geprobeerd maar hij trok direct weer banaan. Blijkbaar is er een verdeler van facnor in Tahiti, hij heeft de profielen wel in stock. Momenteel varen we met de werkfok. Dat gaat al bij al nog goed vooruit.

De trip van Gambier naar hier (Amanu) kregen we een front over: we werden 12u geteisterd door hevige regenbuien, wind en golven. De genua werd niet gemist. Het begon bij zonsondergang. Ik hoorde de regen komen en kwam nog snel uit bed voor een douche. Na de douche begon het harder te waaien en regenen. Meestal bij squals is dat na een half uur toch wel over. Deze duurde tot de ochtend en hield ons ook bezig tot de ochtend. Beginnen met reven te steken en de windvaan helpen sturen. Om een of andere reden kon die het niet aan. Dus we stonden daar buiten in de storm, in ons onderbroek met reddingsvest erover. Als je uit de kuip kwam werd je gegarandeerd door wind of golf weggemaaid. Jonas en Lenie waren ook aan boord. Die waren al zeeziek voor de storm. Lenie werd op de bank gestockeerd en Jonas in’t bed vooraan, beide met een emmer voor hun neus. “het enige wat jullie moeten doen is zo weinig mogelijk kotsen” heb ik nog gezegd. We waren met een hele vloot vanuit Taravai (Gambier) vertrokken richting Amanu, een stuk of acht boten. We hebben allemaal hetzelfde front overgekregen. De solozeilers onder de vloot bleken het het zwaarst te hebben gehad. Wij besloten eerst om samen buiten te blijven en te sturen tot het over was. Iedere keer als we een helder gaatje zagen in de zwarte wolkenmassa zeiden we hoopvol, het is bijna voorbij. Maar jah, we vaarden ruim met de wind mee, dus ook met de storm… Na veel regen, gekots (ook van mezelf, cocosnoot kan je best niet kotsen…) en prutsen aan de automatische piloot werd het licht en ging de storm liggen. Ook Lenie die al twee dagen niets binnen hield (echt niéts), ook liggend niet, kwam na de storm wat bij. Ze kwam zelf op het ingenieuze plan om geen zeeziektepillen meer te nemen maar anti-braak middel, dat hielp (lang leve de medicatiekoffer!) De twee combineren durven we niet.

Ik denk dat we de overtocht alle vier wat idyllischer hadden ingeschat. Maar jah, ’t kan ook zo zijn, dat wisten we eigenlijk al. ’t Is het allemaal wel waard want Amanu is een paradijs! Het is de eerste atol die we aandoen: wauw! Ankeren in een turquoise blauwe baai met prachtig koraal en palmbomenstrand. Wohooo! check al die eilandjes! die kleuren! dat strand! De 100 mensen die hier wonen leven van vis en cocosnoot, meer is er niet, geen fruit, geen groenten. Iedere woensdag komt er een boot. Die brengt frisdrank, eieren, bloem, alcohol en tabac. Dat zal het zo bijna zijn. Burgemeester ‘Francois’ nodigt de volledige zeilvloot uit voor een visBBQ in zijn dorp. Hij is 23 jaar en tevens dé verpleegkundige van Amanu en de enige met internet op zijn telefoon. Zijn kantoor lijkt dan ook eerder een dokterspraktijk. Trots leid hij ons rond, laat ons de gegrilde vis met cocosbrood proeven na een officiële speech. We krijgen alles te zien: in de gloednieuwe stormshelter voor eventuele orkanen die helemaal overkomt als een Belgisch/Europese school of ziekenhuis op poten. Hij toont uitgebreid hoe de lift voor rolstoelen werkt 🙂 De lokale winkel wordt snel voor de zeilers geopend, ondanks het feit dat het feestdag was. Pintjes verkopen ze niet, enkel sterke drank. Het is de eerste keer dat er op Amanu zoveel zeilboten passeren, ze zijn erg blij met ons bezoek, zegt Francois. Hij hoopt in de toekomst meer zeilers te ontvangen. Amanu is veel kleiner en verlatener dan Hao… De mensen zijn enorm gastvrij en blij om ons te ontvangen. Dries en Jonas gaan de volgende dag mee spearfishen met Sandy, de locale visser. ’s avonds grillen we de vangst op een kampvuurtje aan het strand. Een trend die we tot nu toe bijna dagelijks hebben verdergezet aangezien enkele van de andere zeilers ook spearguns bij hen hebben: Feest!

Welcome to paradise!

2 gedachten over “Bericht vanuit Amanu Atol

  1. Man man man, wat een verhaal. Het echte leven, zoals wij het niet (durven) kennen. Basics, horror & paradise…Chapeau en enjoy! xxx

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s